News
Maart 2018
De kaap van 3000 gepubliceerde brieven op de website www.ropslettres.be is gehaald!
Onder de nieuwe publicaties vinden we brieven aan zijn intieme vriend Léon Dommartin, ook Jean d’Ardenne genaamd, aan de bekende Belgische schrijver Camille Lemonnier (verrijkt met nota's van Maxime Godfrind, een student Romaanse talen en Franse literatuur die de briefwisseling bestudeerde in 2014) en aan de Belgische illustrator Maurice Bonvoisin, ook Mars genaamd. Enkele exemplaren van de brieven van Gustave Lefebvre en Maurice Kunel zijn eveneens beschikbaar op onze website.  

Wetenschappelijke editie van de briefwisseling van Félicien Rops

Sinds meer dan vijftien jaar werken het Félicien Rops Museum (Provincie Namen) en de vzw Les Amis du musée Rops aan de editie van de briefwisseling van de kunstenaar. Vandaag de dag zijn meer dan 4000 brieven van deze schilder-graveerder geïnventariseerd in publieke en private collecties, brieven van buitengewone kwaliteit. Vanaf de XIXe eeuw geniet de briefwisseling van Rops een zeer goede reputatie bij kunstenaars en schrijvers uit zijn tijd en velen onder hen zien de brieven dan ook graag in omloop gebracht. Zo vertrouwt Edgar Degas toe aan Manet: “ Die daar schrijft zelfs nog beter dan hij graveert [...]. Als op een dag zijn briefwisseling wordt gepubliceerd, dan teken ik voor duizend exemplaren propaganda ”.1

Deze website is mede tot stand gekomen dankzij de Nationale Loterij en laat toe de grote literaire waarde van de correspondentie van de kunstenaar te onthullen evenals de instructieve en grafische waarde ervan. De publicatie ropslettres.be zal met de tijd evolueren. De prioriteit van het Félicien Rops Museum (Provincie Namen) is alle transcripties van de brieven van de kunstenaar te tonen samen met de digitale facsimile’s. De annotatie van de brievencollectie zal verschijnen naargelang het wetenschappelijke werk en de actualiteit van het museum.

1 Brief van Edgar Degas aan Édouard Manet. Geciteerd uit: Boyer d’Agen [Boye Auguste Jean dit Roig Jean de], Rops..iana, Paris, Pellet, 1924, p. 5.